Schrapping incident uit het personeelsdossier?

Is “schrapping” uit het personeelsdossier van een militair ook echt een verwijdering van alle informatie? Zeker niet!

Dat blijkt uit onderstaande uitspraak. In deze zaak stond ik een militair bij die op een gegeven moment mede door overmatig alcoholgebruik terug moest van zijn uitzending uit het buitenland. Hij was echter onderzocht door een psychiater die vervolgens heeft geoordeeld dat de militair voor zijn handelen – volledig ontoerekeningsvatbaar – moest worden verklaard. Vervolgens is beslist tot schrapping van het hele incident uit het dossier. Later, als men van de militair af wil en nog een stok zoekt om mee te slaan, stuit men op het incident uit het verleden tijdens de uitzending. Maar die informatie was geschrapt uit het dossier, toch? Niets bleek minder waar. Men had de informatie nog en schroomde er niet voor om deze ook te gebruiken om het -in de ogen van Defensie – aanwezige alcoholmisbruik verder te onderbouwen om zo tot ontslag van de militair over te kunnen gaan.

Of het ontslag rechtvaardig was, daar kun je over van mening van verschillen, maar de Raad heeft nu overwogen dat ook informatie dat geschrapt zou moeten zijn uit het dossier gewoon gebruikt mag worden. Mijns inziens is dat een gemiste kans.

Wees dus alert wanneer men zegt bepaalde informatie uit uw personeelsdossier te houden. Dit kan later dus een wassen neus blijken te zijn!

U ben bij deze geïnformeerd en gewaarschuwd!

Mr. Robbert Poort/Advocaat

Voor de gehele uitspraak, druk hier: https://lnkd.in/gVXQz6a

Lees meer

Dat “RIECT” naar meer…

Je zou denken dat alleen justitie, althans publiekrechtelijke instanties, achter het opsporen van criminaliteit zitten, maar niets is minder waar!

Publiek- private opsporing

Niet alleen justitie, waaronder de politie, richt zijn peilen op het bestrijden van criminaliteit, maar ook privaatrechtelijke bureaus, zoals Regionale Informatie en Expertisecentra (RIEC) en het Landelijk Informatie en Expertise Centrum (LIEC), richten zich op de aanpak van criminaliteit.

Deze privaatrechtelijke bedrijven worden door de gemeente, de politie, het OM, Bijzondere Opsporingsdiensten of de Belastingdienst ingeschakeld ter bestrijding van ondermijnende criminaliteit. De RIEC’s en LIEC verbinden informatie, expertise en krachten van de verschillende overheidsinstanties. Daarnaast stimuleren en ondersteunen de RIEC’s en het LIEC de publiek-private samenwerking bij de aanpak van ondermijning.

Ondermijnende criminaliteit

Het gaat hierbij om misdaad die maatschappelijke structuren of het vertrouwen daarin schaadt. Mensenhandel, de productie van en handel in drugs, witwassen, financieel-economische criminaliteit (fraude) en cybercrime: het draait allemaal om het verdienen van zoveel mogelijk geld.

Plukze-wetgeving

Uit recente cijfers blijkt dat de Plukze-wetgeving (nog) onvoldoende financieel resultaat voor de overheid heeft opgeleverd. Wellicht is dát een reden geweest om een nauw samenwerkingsverband tussen overheidsinstanties en private instanties aan te gaan. Dit uiteraard om uiteindelijk, via een ontnemingsmaatregel, het “criminele” geld o.a. in de staatskas te kunnen laten vloeien.

Dat misdaad loont dat wisten we al, maar klaarblijkelijk niet alleen voor criminelen…..

Neem contact op

Mocht u het vermoeden hebben dat u in een dergelijke situatie verkeert of dat u inmiddels al in zo’n situatie verkeert, neem dan direct contact op met ons kantoor.

Mr. S. (Sandra) Meijer.

Lees meer

Rechter zet streep door sanctie van de RDW tot intrekking van de APK keuringsbevoegdheid

Dat het mogelijk is om zelfs vaststaand beleid van de RDW in een individuele zaak gewijzigd te kunnen krijgen, dat blijkt uit deze zaak. Wat was er aan de hand?

Een cliënt van ons kantoor, een gerenommeerde garage, voerde al 30 jaar lang APK keuringen uit zonder problemen en tot ieders tevredenheid. Bij een van de laatste steekproeven ging er alleen wat verkeerd. De keurmeester was nog even met een klant bezig en kwam zodoende per ongeluk enkele minuten te laat op de steekproefcontrole. In de regel wordt je dan eenmalig vermanend toegesproken door de controleur en dat is het dan. In dit geval echter niet: de controleur wilde een voorbeeld stellen en maakte een rapport op.

Het gevolg was dat de RDW de zaak moest beoordelen en conform het vastgestelde beleid van de RDW was er sprake van een overtreding die volgens dat vaste beleid tot een intrekking van de APK bevoegdheid voor de duur van 6 weken moest leiden. Dit zou echter een financiële strop voor onze cliënt betekenen. Zes weken lang niet kunnen keuren leidt in zijn geval tot een financiële schade van ruim € 35.000,- met mogelijk veel klantverlies tot gevolg.

Volgens de RDW is dat wellicht vervelend, maar inherent aan oplegging van de sanctie. In de wet is echter bepaald (in artikel 4:84 Awb) dat je als bestuursorgaan bij het opleggen van een sanctie altijd ook de individuele aspecten van een zaak moet beoordelen en moet betrekken bij de vraag wat voor sanctie je oplegt. Ook in het geval van – over het algemeen aanvaard beleid – zul je per geval moeten afwegen of die sanctie en toepassing van dat beleid in het specifieke geval nog wel een evenredige sanctie is.

Met cliënt voerden wij aan dat in dit geval geen sprake meer was van een evenredige sanctie. Gelet op de grootte van de gemaakte fout (een vergissing en geen moedwillige overtreding), de geschiedenis van de garage (30 jaar lang geen fouten) en de evidente nadelige gevolgen ( € 35.000,- schade en mogelijk veel klantenverlies) stonden die omstandigheden niet meer in verhouding met de intrekking van een erkenning voor de duur van 6 weken voor zowel de garage als de betrokken keurmeester. De rechter was het met ons eens en verklaarde het beroep gegrond en paste de sanctie aan naar een kortere intrekkingsduur zodat rekening werd gehouden met de belangen van de garage, maar ook de verkeersveiligheid.

Heeft u als garage een dergelijke sanctie gekregen en bent u het er niet mee eens? Neem dan contact op met ons kantoor en laat uw zaak door ons beoordelen op haalbaarheid. Wij staan u graag bij.

U bent bij deze geïnformeerd!

Robbert Poort, Advocaat.

Lees meer

Raad van State vernietigt ondeugdelijk ‘technisch’ onderzoek RDW over identiteit oldtimer

Wederom is door de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State een technisch  identiteitsonderzoek door de RDW als onvoldoende bestempeld en is er op onjuiste gronden geweigerd om een kenteken af te geven.

Je hebt hardleers en hardleers, maar de RDW weigert simpelweg nog steeds om gevolg te geven aan een uitspraak uit 2015.

Ter herinnering: in die uitspraak van de Afdeling uit 2015 werd het kenteken van de Rangerover van een cliënt ingetrokken omdat deze ‘te mooi’ zou zijn volgens een keurmeester van de RDW. Dat was kennelijk al voldoende om een PAT-onderzoek op de auto los te laten en vervolgens doodleuk het kenteken in te trekken.

Volgens de keurmeester zou er een identificatie plaatje van de auto zijn gehaald en daardoor  kon hij niet meer vaststellen of de auto van diefstal afkomstig was. Ben je na een restauratie ineens een voertuigcrimineel geworden. Alleen in Nederland tref je zulke ijverige ambtenaren…

In de uitspraak van deze week betrof  het een ingevoerde Austin Healey, waarbij door de ‘voertuig-identificatiespecialist’ van de politie aan de hand van foto’s onderzoek was gedaan. Hij constateerde dat het een nieuw plaatje moest betreffen dat niet door de fabrikant zou zijn gefabriceerd. De Afdeling gaf de RDW nog een herkansing, maar tijdens dat onderzoek haalde die specialist ter vergelijking enkele foto’s van typeplaatjes gewoon van het internet.

Echt waar, dat is dus een ‘specialistisch’ technisch onderzoek van de RDW naar een identiteitsplaatje van een auto die al 50 jaar niet meer wordt gemaakt!

Dat de bestuursrechter bij de rechtbank te Arnhem niet gelijk gehakt maakte van dat onderzoek, is eveneens onverklaarbaar. Gelukkig was/is er nog een Afdeling bestuursrechtspraak bij de Raad van State die de burger beschermt.

De eigenaar van deze oldtimer kan voorlopig weer plannen maken om te gaan toeren met deze prachtige oldtimer.

Soms is een advocaat echt handig…

U bent geïnformeerd en gewaarschuwd!

Lees meer

Transport en schade

Naar aanleiding van een aantal vragen over (geclaimde) transportschade, is het misschien goed om aan te geven dat dit soort schades niet jaren later kunnen worden geclaimd en er ‘dodelijke’ termijnen zijn.

In een geval dat mij bijstaat, betrof het geclaimde schade van een internationaal transport in een reukvrije koel-trailer. In deze trailer werden – zoals zo vaak – meerdere goederen getransporteerd en dat gaat niet altijd goed!

Op dit soort transporten is het Verdrag betreffende de overeenkomst tot internationaal vervoer voor goederen over de weg (CMR) van toepassing. In dit geval was er een termijn van 1 jaar van toepassing op het transport en die termijn ging lopen vanaf het moment van aflevering.

De kantonrechter vond dat die termijn was verlopen. Nog erger werd het omdat degene die stelde de schade te hebben geleden, ook nog eens alle proceskosten moest vergoeden.

Soms is een advocaat echt handig…

U bent geïnformeerd en gewaarschuwd!

Lees meer

Zedenzaak geseponeerd.

In deze zaak werd ik om bijstand gevraagd in een zedenzaak aan de rand van België. Cliënt zou de twee kinderen van zijn huidige echtgenote uit haar eerdere huwelijk hebben misbruikt. De zaak zou later alle ingrediënten van een boek krijgen, maar het ‘strafrechtelijke boek’ werd recentelijk gesloten door middel van een sepot. Case closed!

Het begon eigenlijk met het feit dat de biologische vader van de kinderen aangifte ging doen tegen de stiefvader, nadat hij zich nog nooit met de kinderen had bemoeid. Dat was al raar. Vele partijen bemoeiden zich vervolgens met de kinderen, Jeugdzorg, Reclassering, etc. het hele ‘palet’ van ‘beschermers’ kregen zij over zich heen.

In deze zaak zaten een aantal onverklaarbare ingrediënten, die afweken van gebruikelijke zedenzaken en waaruit eerder met de vinger kon worden gewezen naar de biologische vader/aangever, dan naar de stiefvader.

Zo was bepaald afwijkend gedrag van het kind reeds naar buiten gekomen toen de stiefvader nog niet eens in beeld was. Verder hield de vader psychologische behandeling van zijn kind tegen, terwijl alle hulpverleners dit wel adviseerden. Ook vreemd.

De stiefvader werd vervolgens strafrechtelijk verhoord door een speciaal zedenteam, waar ondergetekende bij was. Een dergelijk verhoor vindt plaats onder een zogenaamd ‘zeden protocol’. Dat wil zeggen dat het wordt opgenomen. Vaak zowel met beeld als met geluid.

Daar heeft cliënt zich formeel op zijn zwijgrecht beroepen. Maar nu er van alles op de achtergrond liep dat van belang was voor een gedegen onderzoek, is na het formele verhoor, toch deze specifieke kennis met het onderzoeksteam gedeeld.

Hier zie je goed dat ons Nederlandse strafrechtstelsel eigenlijk niet meer werkt. Een verdachte wil wel meewerken, maar proces technisch is het veel verstandiger om een beroep op het zwijgrecht te doen. Je weet namelijk nooit wat ze ermee doen. In deze zaak is gekozen om het onderzoeksteam toch te informeren over de achtergrond. Later zal blijken dat er inderdaad op deze informatie is door gerechercheerd.

Eigenlijk een mooi voorbeeld dat het dus ook anders zou kunnen in een strafrechtelijk onderzoek. Laat de advocaat meekijken in de keuken en vraag of er een alternatief scenario is, in plaats van de beruchte tunnel in te lopen. Dit team pakte het dus goed op!

Mooi resultaat, maar ook omdat dit zedenteam goed luisterde en er ook wat mee deed. Samenwerken tussen advocaten en politie kan dus wel.

U bent wederom geïnformeerd en gewaarschuwd!

Bel tijdig!

Hein Dudink/Advocaat

Lees meer

De transportwereld onder de loep…

Met de grote storm van afgelopen week is er een enorme ravage ontstaan die in de miljoenen loopt. In enkele gebieden was Nederland zelfs weinig verwijderd van het niveau van een orkaan. Toch was ook de Nederlandse nuchterheid te merken. Het advies was immers: code oranje, en wat later: code rood oftewel: ga niet de weg op. Veel forensen trokken zich daar weinig van aan, zeker nu de treinen niet reden. Dan heb ik het echter over de automobilisten. Daarvoor was het risico betrekkelijk klein. Vrachtwagenchauffeurs liepen namelijk het grootste risico. Om een dergelijk voertuig met deze windkrachten in balans te houden moet je zeer ervaren zijn. Zeker wanneer je de lading nog moet ophalen en de wagen dus nog leeg is.

Daar komt echter bij dat ook de meest ervaren chauffeur in deze omstandigheden weinig kan doen om te voorkomen dat er ongelukken gebeuren. Die Hollandse nuchterheid en plichtsbesef om gewoon “je werk te doen”, moeten we echter onderscheiden van chauffeurs die inzien dat het rijden met hun voertuig op dat moment levensgevaarlijk was, maar toch “moesten rijden” van de baas. Immers, genoeg chauffeurs kregen te horen dat zij wel moesten gaan, en dat het anders als werkweigering gezien zou worden. En dus gingen er een hoop, ook onbeladen, de weg op, met alle gevolgen van dien.

De ravage hebben we gezien, zelfs doden moeten we betreuren. Treuriger is echter het feit dat chauffeurs door hun werkgever onder druk zijn gezet om toch te gaan rijden met gevaar voor eigen leven. Die werkgevers zaten immers veilig op kantoor of thuis terwijl de Nederlandse chauffeurs, die toch al enorm te kampen hebben met de Oost Europese concurrentie, ondanks de enorme storm gewoon “moesten” rijden.

De vraag is echter of de werkgever juridisch gezien recht heeft om te eisen dat de chauffeurs “moeten” gaan rijden. In de arbeids- of uitzendovereenkomst zal veelal iets opgenomen staan in de trant van dat de werknemer verplicht is aanwijzingen van zijn werkgever op te volgen. Over het algemeen kun je de weigering om aan die aanwijzing gevolg te geven dan ook opvatten als werkweigering, hetgeen onder omstandigheden kan en mag leiden tot ontslag. Die omstandigheden zijn hier alleen heel anders: er is noodweer en er kan bezwaarlijk van chauffeurs worden verwacht dat zij met dit weer met gevaar voor eigen leven de weg op gaan. Sterker nog: het is juist slecht werkgeverschap indien de werkgever dit van u zou eisen.

Juridisch sta je als werknemer dan ook in je recht om te weigeren met dit weer te gaan rijden. De keerzijde is alleen dat zo’n gelijk pas later volgt. Een ontslag wordt pas achteraf geaccordeerd of vernietigd door een rechter. Tegen die tijd wordt aangevoerd dat de verhoudingen dan zodanig zijn verstoord dat ontslag, zij met een vergoeding, dan alsnog wordt verleend. Om die reden is het vooral belang om samen sterk te staan en te zorgen dat alle werknemers, of een groot gedeelte daarvan, tegelijk weigert te rijden met dergelijke weersomstandigheden. Een werkgever zal immers niet zo snel iedereen ontslaan. Twijfelt u hoe te handelen in een dergelijk geval? Laat u dan vooraf goed inlichten voor door een van onze advocaten, zodat u weet wat uw rechten zijn.

Robbert Poort, advocaat

Lees meer

Wie betaalt de btw over incassokosten?

Als er de incassokosten betaald moeten worden, is het duidelijk voor wiens rekening die incassokosten komen: de schuldenaar. Maar hoe zit het met de btw over de incassokosten? En wie moet die betalen? Voor de beantwoording van die vraag is het volgende van belang: Is de schuldeiser btw-plichtig is of niet? Als de schuldeiser btw-plichtig, kan de schuldeiser de btw verrekenen. Dan betaalt de schuldeiser dus de btw. De schuldenaar betaalt in dit geval dus niet de btw over de incassokosten. Als de schuldeiser niet btw-plichtig is, kan de schuldeiser de btw niet verrekenen. Dan is het de schuldenaar die de btw moet voldoen. De incassokosten worden dan dus verhoogd met 21% btw. De schuldeiser betaalt in dit geval geen btw over de incassokosten. Waarom is dit op deze manier geregeld?  Dat het per zaak (lijkt) te verschillen wie de btw betaalt over de incassokosten is simpel. Als een schuldeiser de btw kan verrekenen dan is het zinloos om deze kosten in rekening te brengen bij de schuldenaar, vooral als de schuldenaar een consument is. Consumenten kunnen geen btw verrekenen terwijl de schuldeiser dit wel kan, het kost de schuldeiser dus niets meer terwijl de consument wel extra wordt belast; dit zou niet eerlijk zijn. De Nederlandse wetgeving tracht de schuldenaar dus een beetje te beschermen door hem of haar tegemoet te komen. Houd als schuldenaar dus goed in de gaten of de schuldeiser btw-plichtig is. Ik ben het vaker tegengekomen dat (met name ietwat schimmige) incassokantoren de btw bij de schuldenaar in rekening brengen terwijl de schuldeiser de btw gewoon kan verrekenen.

Neem contact op Wijnand Westerman heeft als advocaat ruime ervaring met incassozaken. Hij treedt veelvuldig op voor zowel schuldeisers als schuldenaren en heeft derhalve goed inzicht in de aanvliegroutes van beide kanten. Daardoor kan hij anticiperen op mogelijke verweren en vorderingen. Heeft u vragen, neem gerust contact op: wgwesterman@dudinkstarink.nl

Lees meer

Officier van de Luchtmacht met PTSS onterecht ontslagen

Reeds eerder schreef ik in een soortgelijke zaak hoe sommige zaken bij mij als oud-beroepsmilitair soms een gevoelige snaar raken. Bijna altijd is het een gevolg van een soort plaatsvervangende schaamte als ik een zaak lees en denk; ‘how on Gods green earth’ heb je dit kunnen doen met deze militair.

Dekten officieren elkaar nog wel in het verleden, dat blijkt inmiddels verleden tijd. Sterker nog, het lijkt wel of zij extra hard moeten worden aangepakt. Ook bij de politie zie ik dezelfde tendens, maar dit terzijde.

Altijd schrijf ik neutraal in de zin dat ik meestal het krijgsmachtsdeel weglaat en spreek van ‘de militair’, maar ik maak nu een uitzondering. Ik herken de luchtmacht namelijk helemaal niet in dit gedrag. Wat is hier allemaal aan de hand en waarom wordt deze militair met een meer dan uitstekende staat van dienst en een overduidelijke psychische aandoening ‘gewoon’ als oud vuil ontslagen? Dat hoort niet en is in strijd met alle regels van fatsoen. En dan laat ik de Gedragscode Defensie maar even voor wat ze kennelijk zijn.

Meer ongebruikelijk is dat de militair reeds publiekelijk werd afgefakkeld bij al zijn collega’s voordat er enig onderzoek was gedaan en iedereen in de directe omgeving te horen kreeg dat er geen enkel contact met hem mocht worden opgenomen. Het staat zelfs op papier!

Je kunt iemand een mes in de rug duwen, maar zo werkt het natuurlijk ook. Met zulke vrienden heb je natuurlijk geen vijanden meer nodig.

Wat speelde hier allemaal?

Evenals in de andere ontslag zaak waarover ik schreef, functioneerde ook deze militair op enig moment niet meer, maar ploeterde als een goed militair betaamt, gewoon door. Er werden hem jarenlang meerdere keren (bevoegde)  toezeggingen gedaan dat hij niet meer zo zwaar zou worden belast, bijvoorbeeld betreffende de vele overplaatsingen, maar deze beloften bleken inhoudsloos. In combinatie met veel privé-familieleed waar zijn vrouw bijna volledig voor opdraaide, werd telkenmale opnieuw een aanspraak op zijn loyaliteit gedaan. Zoals het spreekwoord al zegt, de emmer gaat zolang te water totdat hij breekt. Zo ook hier.

Hij wordt vervolgens op enig moment beschuldigd dat er ten onrechte gebruik van een dienstauto zou zijn gemaakt. Bij het uitpluizen van alle data waarop zou zijn gefraudeerd, blijkt dit echter onjuist! Maar ook in deze zaak staan de hakken dan al in het zand en moet de militair hoe dan ook worden ontslagen.

Wat stond er ook al weer in de Gedragscode Defensie?

 

‘Deze kernboodschap is voor het personeel vertaald in een defensiebrede

gedragscode die uitgaat van de eigen verantwoordelijkheid en staat voor

professioneel gedrag, fatsoenlijke omgangsvormen en goede samenwerking.

 

‘Practice what you preach’ zou ik zeggen. Wat hier ook allemaal van moge zijn, inmiddels is er een voorlopige voorziening aangevraagd om het ontslag te schorsen, totdat er fatsoenlijk onderzoek is gedaan.

U bent gewaarschuwd en geïnformeerd!

De Defensieadvocaat

Lees meer

Nader onderzoek naar betrokkenheid van de politie bij de dood van Ishan Gürz niet noodzakelijk

De strijd van de heer Gürz om duidelijkheid te krijgen over de omstandigheden waaronder zijn zoon is overleden blijft onverkort doorgaan. Wat was er gebeurd? In de nacht van 2 op 3 juli 2011 is de zoon van de heer Gürz, Ishan Gürz overleden in het Rode Kruis Ziekenhuis te Beverwijl alvorens hij kort daarvoor vanuit een politiecel naar het ziekenhuis was gebracht. Die nacht was Ishan aangehouden door de politie wegens ‘ordeverstoring’. Echte duidelijkheid over de precieze reden van aanhouding is er echter nooit gekomen. Volgens ooggetuigen was het geweld dat door de politie werd uitgeoefend tijdens de aanhouding van Ishan buitensporig. ‘Mitch Henriquez avant la lettre’ zou je kunnen zeggen. Reden waarom op verzoek van de vader van het slachtoffer aangifte is gedaan tegen de betrokken agenten.

Onderzoek is vervolgens verricht, waarna de zaak is geseponeerd. Die beslissing van de officier van justitie heeft het gerechtshof Amsterdam in stand gehouden in de artikel 12 Sv. procedure die daarop volgde. De reden om de zaak te seponeren was vooral gelegen in het feit dat één van de NFI deskundigen had geoordeeld dat het politiegeweld waarschijnlijk niet de oorzaak is geweest voor het overlijden van het slachtoffer als ook dat één van de andere deskundigen had geoordeeld dat het waarschijnlijk een fataal drugs delirium, een zogeheten EDS, is geweest waardoor het slachtoffer is overleden. De heer Gürz had echter ook zelf onderzoek laten verrichten door de onafhankelijke deskundige dr. Spendlove die de NFI rapportages heeft onderzocht. Daaruit kwam naar voren dat die conclusies wellicht wel wat kort door de bocht waren. Volgens Spendlove is een hoop niet onderzocht en bevatten de rapportages tegenstrijdigheden en zijn ze op een aantal vlakken onduidelijk. Kernconclusie: overlijden door buitensporig politiegeweld kan de deskundige niet uitsluiten.

Na zo’n rapportage zou je verwachten dat justitie de zaak heropende, maar niets bleek minder waar: men had er geen zin meer in, alles was uitputtend onderzocht. Reden waarom de heer Gürz dan zelf maar verder onderzoek instelde door bij de rechtbank Den Haag te verzoeken om een voorlopig deskundigenverhoor. Dit houdt in dat je – zonder meteen een bodemprocedure te starten – eerst deskundigen kunt verhoren om daarna te bezien of je een zaak wil starten. Als nog niet alle feiten op tafel liggen, is dat soms een verstandige keuze. In de video links kunt u zien hoe namens de heer Gürz dit verzoek is toegelicht als ook hoe door de politie verweer is gevoerd.

Helaas wees de rechter dat verzoek af. De rechter vond dat er al voldoende onderzoek is verricht en dat de heer Gürz genoeg informatie had om de politie te dagvaarden als hij dat wil. Ook stond het hem vrij om het NFI per brief de vragen te stellen die hij wilde, daarvoor was een voorlopige deskundigenverhoor niet nodig, zo oordeelde de rechter. Een grote teleurstelling dus. De politie dagvaarden leidt immers tot een grote procedure terwijl dat voorkomen had kunnen worden wanneer eerst de twee bepalende deskundigen gehoord konden worden over de nieuwe rapportage van dr. Spendlove. Daarnaast heeft de heer Gürz het advies van de rechtbank ter harte genomen. Een brief met vragen is gestuurd naar het NFI. Het NFI antwoordde echter alleen op verzoek van de rechter vragen te beantwoorden, dus dat bleek een wassen neus. Voor de heer Gurz rest daarom slechts de mogelijkheid van hoger beroep, kortom: wordt vervolgd!

Robbert Poort / Advocaat

Lees meer